
Foto: Shutterstock
Van het aantal mensen dat zijn werkloosheidsuitkering tijdens het eerste kwartaal van dit jaar heeft verloren, is een derde effectief op een leefloon terug gevallen. Er zijn wel opvallende verschillen tussen de verschillende gewesten. Dat blijkt uit het rapport van het Rekenhof bij de begrotingsherziening die dezer dagen in de Kamer wordt besproken.
Sinds begin dit jaar geldt dat wie langer dan twee jaar werkloos is, niet langer een werkloosheidsuitkering krijgt. Die maatregel wordt stapsgewijs ingevoerd. In haar ramingen ging de regering ervan uit dat op termijn een derde van de personen die hun uitkering zouden verliezen, op een leefloon zou moeten terugvallen.
De cijferaars van het Rekenhof lijken die raming voorlopig te bevestigen. Ze kunnen zich enkel nog maar baseren op de twee golven in januari en maart, maar dat ging wel telkens om mensen die al het langst zonder werk zaten en die dus 'verder afstaan van de arbeidsmarkt'.
Na het eerste kwartaal bedraagt het percentage uitgeslotenen die terechtkomen in het leefloonstelsel voor het hele land 31,9 procent. De verschillen tussen de regio's zijn wel aanzienlijk. in Wallonië gaat het om 37,2 procent, terwijl het percentage in Brussel en Vlaanderen respectievelijk 27,5 en 23,5 procent. In reële cijfers zijn de verschillen nog opvallender. Het aantal uitgeslotenen die op een leefloon terugvielen, bedroeg 10.728 personen in Wallonië, 4.123 in Brussel en 2.558 in Vlaanderen.
Het Rekenhof preciseert wel dat de cijfers nog kunnen evolueren. Mogelijk hebben sommigen geen leefloon aangevraagd of hebben ze zich voor of op het moment van hun uitsluiting tot de ziekteverzekering gewend. Exacte gegevens daarover zijn er momenteel niet.
bron: belga
Delen via e-mail