
In België leeft 14,4 procent van de kinderen onder de armoededrempel (60 procent van het mediaaninkomen). Daarmee prijkt ons land op de elfde plaats van de 41 hoge-inkomenslanden waarvoor de vergelijking werd gemaakt, zo blijkt dinsdag uit een analyse van het onderzoekscentrum Innocenti van Unicef. Die economische ongelijkheid gaat gepaard met een slechtere fysieke gezondheid en slechtere schoolprestaties.
Het rapport geeft een diffuus beeld van de situatie voor kinderen in ons land. Zo prijkt België op de zevende plaats op het gebied van fysieke gezondheid, onder meer dankzij een laag sterftecijfer. Een belangrijke kanttekening is wel dat één op de vijf kinderen met overgewicht kampt. Qua inkomensongelijkheid tussen de rijkste en de armste 20 procent staat ons land zelfs op een vijfde plaats. De rijkste 20 procent verdient 3,57 meer dan de armste 20 procent.
Inzake mentale gezondheid scoort ons land dan weer een stuk slechter, met een 24e plaats wat betreft het zelfmoordcijfer bij jongeren. Ook qua schoolprestaties moet België vele andere hoge-inkomenslanden laten voorgaan. 91 procent van de kinderen uit welgestelde gezinnen behaalt basisvaardigheden in lezen en rekenen, tegenover 45 procent van de kinderen uit gezinnen met de laagste inkomens.
Unicef België benadrukt daarom het belang om de kinderbijslag te behouden en de minimumlonen te verhogen. Daarnaast moet de ongelijkheid in het onderwijs worden teruggedrongen. De kinderrechtenorganisatie pleit ook voor een uitbreiding van het aanbod aan sociale woningen, het kindvriendelijker maken van achtergestelde buurten en meer overleg met gezinnen.
Nederland, Denemarken en Frankrijk komen als beste landen uit de internationale vergelijking omtrent kinderwelzijn. België wordt niet in de uiteindelijke ranglijst opgenomen omdat er voor mentale gezondheid onvoldoende gegevens voorhanden zijn.
bron: belga
Delen via e-mail